Het verleden

Het verleden

DOE DANS, EEN BLIK OP HET VERLEDEN VAN DE SLAVERNIJ

Wanneer we het over Doe dans hebben komt er bij de meeste mensen het Doe dans festival naar boven dat ieder jaar in september in Nederland gehouden wordt, en ook al heeft de Doe dans wel met feesten en dansen te maken ligt zijn geschiedenis echter op een geheel andere grond. Ken jij de geschiedenis achter de Doe dans? Zo niet, lees dan gerust een beetje verder en ontdek wat de achtergrond is van de Doe dans.

 

DOE DANS

onlinecasinoDoe dans is een dansfeest dat zijn oorsprong heeft in Suriname en ontstond in de 18e eeuw. Het dansfeest was echter bedoeld om de eigenaren van de katoenplantages te vermaken net na de oogst en werd voornamelijk uitgevoerd door slavinnen die de blanke eigenaren vermaakten met de Banya-dans ofwel een slavendans. Hier werden de slavinnen dan zo weelderig mogelijk aangekleed voor de voordracht van hun dansen en om de landheren te kunnen vermaken gedurende de 3 dagen na de oogst van het katoen. Voor de Doe dans werden in de 18e eeuw de mooiste en jongste slavinnen gebruikt om het de landheren naar hun zin te maken en hoe beter deze vrouwen de Banya-dans konden voordragen hoe beter de slaven door de landheer zou worden behandeld gedurende het daaropvolgende jaar op de plantage en waardoor het voor de slavenfamilies natuurlijk uiterst belangrijk was deze slavinnen goed te behandelen om ze zo mooi en weelderig mogelijk voor de dag te laten komen.

Op de katoenplantages was het in die tijd echter verboden voor de slaven om te feesten en te dansen waardoor de slavinnen hun Doe dans tijdens hun vrije dag of op het land moesten oefenen. Het dansen werd vooral verboden om de slaven in toom te kunnen houden totdat het katoen geoogst was. Toch dansten de slavinnen vaak de Banya-dans buiten het oog van de slavenmeesters of midden in de nacht en werden de Doe dansfeesten vaak gebruikt als middel om ervoor te zorgen dat het zwarte slavenvolk een betere behandeling zou krijgen in het daaropvolgende jaar.

De Doe dansfeesten werden voornamelijk op de plantages gehouden waar landheren van andere katoenplantages werden uitgenodigd om de Doe dans bij te wonen. De slaven moesten in die tijd aan de vrouw van de landheer toestemming vragen en tegelijkertijd laten weten wat voor soort materialen ze nodig hadden om de slavinnen aan te kleden voor de Banya-dans. Deze materialen werden echter niet geschonken en vaak moesten de mannelijke slaven hiervoor extra uren doorwerken als betaling voor het materiaal. Vandaar dus ook het belang dat de slavinnen de dans zo goed mogelijk moesten voordragen.